Carré toont cultureel ondernemerschap en straalt zonder subsidie

Carré-friedlander-1907Vorige week bezocht ik een verbazingwekkende voorstelling in Koninklijk Theater Carré. Wat me weer opviel: het theater ligt er prachtig bij en bruist van de energie! Toen de gemeente een jaar of tien geleden besloot Carré geen subsidie meer te geven, waren de vooruitzichten minder rooskleurig. Brengt Carré cultureel ondernemerschap in de praktijk?

Plotseling zonder subsidie, en dan een crisis er overheen
Tot enkele jaren geleden was ik vanuit mijn werk als aandeelhouder namens de gemeente Amsterdam direct betrokken bij het theater. De gemeente is eigenaar van het gebouw en de enige aandeelhouder van de BV Exploitatiemaatschappij Carré. Helaas waren de financiën van de exploitatie niet altijd positief. Een terugtrekkende overheid maakte het niet makkelijker. De significante kunstenplan-subsidie die sinds jaar en dag werd verstrekt en de basis was van de programmering, kwam een jaar of tien geleden te vervallen. Een forse eenmalige bijdrage van de gemeenteraad diende het theater in staat te stellen de bedrijfsvoering en programmering aan te passen. Het moest minder kunstzinnig cultureel. Financiële zelfstandigheid was het doel. Een ongekende klus voor Grande Dame Carré die net elk dubbeltje had omgekeerd om meer dan € 20 miljoen in een renovatie te kunnen steken. De markt voor “avondjes uit” was bovendien flink aan het veranderen. Zo kozen sommige nieuwe succesnummers liever voor een enkele avond in een veel grotere Heineken Music Hall, dan twee weken buffelen in traditioneel Carré. Musicals en ander traditioneel repertoire waren geen geheid succes meer. BTW op cultuur ging omhoog. Sponsors die andere prioriteiten krijgen. Er was een crisis waardoor mensen minder uitgaven aan vertier. Kortom: succes was niet gegarandeerd.

Ondernemerschap in de cultuur to the rescue?
Tenzij schijn bedriegt, gaat het goed met Carré. Recente jaarcijfers van het theater ken ik niet. Echter, alles ziet er (als altijd) tip-top verzorgd uit. Er is geld om te investeren: enkele loges en interne bars zijn sinds mijn bezoek aan het Kerstcircus volledig verbouwd en gemoderniseerd. De programmering is divers en avontuurlijk. Ten opzichte van andere theaters, zijn de kaartjes bij Carré duurder. Om zich niet uit de markt te prijzen, kan de prijs niet verder omhoog. Het onderhouden en exploiteren van het ingewikkelde monument, kost echter veel geld. Daarom zijn extra inkomsten nodig om de grandeur te behouden. Het lijkt erop dat het de BV is gelukt die extra inkomsten veilig te stellen. Carré heeft een indrukwekkende hoeveelheid sponsors en donateurs aan zich weten te binden – in tijden waarin dat niet gemakkelijk was. Nh1816 Verzekeringen schonk een nieuwe geluidsinstallatie aan Carré. ING is (middenin de crisis) hoofdsponsor geworden. Vastgoedbelegger Wereldhave en Carré gaan samenwerken op gebied van cultuur en duurzaamheid. Er is met het Carré Fonds een bloeiende vriendenstichting die bijdraagt aan de programmering en instandhouding van het gebouw. Etc. Kortom: het in Den Haag gepropageerde cultureel ondernemerschap lijkt hier goed te zijn geslaagd. Wat ik het mooie vind: de programmering lijdt er niet onder. Sterker nog, deze lijkt wel gevarieerder dan voorheen. Er is nog steeds circus, dans, musical, theater, cabaretiers. Er is misschien wel meer opera. Fors meer optredens van Nederlandse en internationale muzikanten. Overdag seminars van de UvA; ’s avonds een show. De tijden van maandenlang dezelfde musical zijn voorbij. Het publiek is verbreed, wat ook goed is voor de toekomst.

Prachtig resultaat
Mijn conclusie: Carré is er in geslaagd een stevig aangepast bedrijfsmodel te realiseren. Gedreven door de doorvoelde noodzaak dat doorgaan op de oude weg geen optie was, heeft de Parel aan de Amstel de kans gegrepen met een verfrissende, naar buiten gerichte blik los te komen van de afhankelijkheid van een luxe overheidsbijdrage. Samenwerking met bedrijfsleven en giften van particulieren vullen dit gat. Zolang deze relaties goed blijven en de programmering uitnodigend, biedt Carré nog vele jaren hoogwaardige avondjes uit.
En wie weet gaat hij mij dan ooit lukken om te begrijpen hoe Hans Klok met een grote glimlach al die meisjes in en uit doosjes en brandende kooien tovert. Ieder zijn vak.