Een Italiaans kunstwerk; is speculeren met publiek geld altijd fout?

Medardo Rosso himself (1858-1928)Een paar jaar geleden was het een hot item bij woningcorporaties: speculeren met derivaten. Tot het helemaal mis ging. Museum Boijmans Van Beuningen laat zien dat andere maatschappelijke instellingen het nog steeds doen. Schande! Of toch niet?

Speculeren
Opties en derivaten hebben een slechte naam. Helemaal als overheden of maatschappelijke instellingen ze gebruiken [zie onderaan voor meer perspectief]. En dan vooral derivaten gebruiken in de zin van: speculeren. Oftewel financiële risico’s nemen, met winst maken als primair doel. [zie verder onderaan een korte uitleg over speculeren met derivaten]. Diverse corporaties gingen er (bijna) aan ten onder, met Vestia als boegbeeld. De schade, ook maatschappelijk, is nog steeds niet hersteld. Het zal nog jaren duren voordat niemand die blaren meer voelt.

Enter: gesluierde Italiaanse vrouw
Femma a la voilette - onderwerp van speculerenEn toen bleek vorige week het Boijmans Van Beuningen museum in Rotterdam te speculeren met derivaten. Doel: Femme à la voilette van kunstenaar Medardo Rosso betaalbaar maken. Raadsvragen. Gedoe in media. Maar is het echt zo erg wat het Boijmans deed?

Wat was er aan de hand? Boijmans heeft € 45.000 aanschafbudget van gemeente Rotterdam per jaar. De rest moet per geval bij fondsen en particulieren bijeengesprokkeld worden. Het aankoopbedrag voor de bijzondere sculptuur ($ 2,5 miljoen) lag dus niet bij Boijmans op de plank. Boijmans moest een paar maanden aan de slag om te trachten fondsen te werven voor de aanschaf van het beeld. Gedurende die tijd kon de dollar/euro koers veranderen. De kans bestond dat het beeld daardoor in euro’s duurder zou worden. Dat wilde men voorkomen. Dat kan met opties: derivaten die zouden uitbetalen bij een waardestijging van de dollar. Het kopen van de opties voor in totaal € 22.000 had een specifiek doel: de aanschaf van een specifiek kunstwerk beter binnen handbereik zien te krijgen. De volgende situatie ontstaat:

  • Het risico voor Boijmans was gelimiteerd op € 22.000 – de prijs van de opties. Dit is ruim een procent van de aanschafprijs van het kunstwerk (€ 1,9 miljoen). Weggegooid geld als de dollar zou dalen. Maar niet een bedrag waar het museum zwaar onder zou lijden.
  • Erg belangrijk tegenwoordig: directeur Sjarel Ex had de transactie netjes afgestemd met zijn Raad van Toezicht, die instemde en meewerkte.
  • Boijmans voorzag / gokte het juiste scenario. De derivaten bleken aan het einde geld waard: € 123.000. Als je de reconstructie van de fondsenwerving leest, lijkt het speculeren net de druppel die de aankoop mogelijk heeft gemaakt.

Dus …
Bovenstaande is geen pleidooi voor ongebreideld speculeren. Het is wel een pleidooi om met open vizier te onderzoeken hoe je je doel kan bereiken. En dat je daarbij minder populaire of zelfs in de publieke opinie verdachte mogelijkheden niet bij voorbaat moet uitsluiten. Als een geringe, onderbouwde gok het verschil kan maken tussen succes en falen, en je kan je afweging objectief uitleggen, moet je het durven doen. En als die gok het gebruik van derivaten inhoudt, zorg er dan voor dat je risico gemaximaliseerd is – schrijf nooit een open cheque. Wie weet kan je dan iets memorabels realiseren …

______

Achtergronden

Speculeren en de overheid mag niet: wet FIDO
In 1999 kwam in overheidsland de Ceteco/Leemhuis affaire naar buiten. Op advies van een ijverige treasurer had Zuid-Holland DFL 2 miljard belegd met als doel winst maken. Er werden dan geen derivaten gebruikt, het bleef speculeren. Dit debacle mondde uit in verloren geld, geknakte carrières en de wet FIDO. Deze wet verbiedt speculeren. De wet, danwel de daaruit voortkomende cultuuromslag bij de financiële afdelingen van overheden, lijkt goed te hebben gewerkt. Dit helaas met een uitzondering als Noord-Holland en enkele gemeente daargelaten. Met een iets te ondernemende gedeputeerde ging Noord-Holland met (speciaal daartoe?) geleend geld in IJsland en Duitsland bankieren tegen een hogere rente. Toen gingen die banken failliet. De verloren € 100 miljoen schijnen weer terug te zijn in Haarlem, overigens. Al met al een best nette afloop dus. En jammer dat corporaties niet onder de werking van deze wet vallen, zou je kunnen stellen. Dat had veel leed bespaard.

Salonfähig speculeren door de overheid
Het bijvoorbeeld door Rijkswaterstaat veel gebruikte aanbesteden van een PPS middels een Design, Build, Maintain, Operate and Finance-contract, is eigenlijk ook speculeren. Rijkswaterstaat koopt het risico af dat deze trits activiteiten meer kost dan X. Kost het meer dan X, dan lijdt het winnende consortium verlies. Zo staat Ballast Nedam bij de A15 op rond € 100 miljoen verlies.
Kost het minder, dan maakt het consortium winst – en die getallen worden dan niet zo specifiek gepresenteerd 😉 Door de prijs niet vooraf vast te zetten, had Rijkswaterstaat het werk goedkoper kunnen laten uitvoeren. Opvallend eigenlijk, dat je niet vaak iemand hoort over de potentiële extra overheidskosten bij het gebruik van dat instrument. Dat zal er mee te maken hebben dat de prijsvorming niet zo transparant is als bij pure financiële derivaten.

Tot voor kort was speculeren met bouwgrond door met name gemeenten ook gemeengoed. Weilanden werden gekocht, met als plan om daar op later moment waarschijnlijk woonwijken of kantoorparken neer te zetten. Het idee was dat vroegtijdige koop van gronden – voordat speculanten de gronden voor de neus van een gemdeente weg zouden kapen – relatief goedkoop uit zou pakken. Door de kwakkelende economie van de laatste jaren, bleek de grond echter minder waard en / of (nog) niet ontwikkeld te kunnen worden. Dit heeft tot grote verliezen geleid bij overheden. Menig overheid is nog steeds aan het afschrijven op grondposities. Diverse gemeenten zijn hierdoor onder curatele gesteld bij hun provincie. En zoals dat gaat: de goedbedoelde pre-emptive strikes van overheden hebben menig speculant voor een faillissement behoed.

Korte uitleg derivaten
Vanwege het afdekken van toekomstige verplichtingen, zijn derivaten ontstaan. Bijvoorbeeld: je weet nu dat je over een jaar een lening moet afsluiten / iets moet betalen in dollars. Dat doe je graag tegen de rente / koers van vandaag. Derivaten bieden die mogelijkheid. Ze dekken het risico op toekomstige waardeveranderingen af.
Al snel werd duidelijk dat je veel geld kon verdienen met de handel in derivaten. Dus zonder dat je een verplichting had op enig moment iets te (ver)kopen. Je gokte / beredeneerde of de koers zou gaan stijgen of dalen, en naar gelang de uitkomst van je analyse (ver)kocht je een stapel derivaten. Aan het einde van de looptijd werd duidelijk of je geld had verdiend, of dat je geld was verdampt. Ook kon je tussendoor je derivaten verkopen.
Gevaarlijk kan het worden als je niet allen de aanschafprijs / de ontvangen premie van je derivaat kwijt raakt als de koers de andere kant op beweegt, maar als je dan ook moet bijstorten. Kenmerk van derivaten is namelijk dat je voor weinig geld veel “exposure” koopt – het hefboomeffect. Beperkte inleg dus, met grote ups en downs. Bij de diverse Vestia’s ging het mis omdat zij verplicht waren bij te storten als de rente zou dalen onder de x%. En toen bleef de rente dus maar dalen! Door het hefboom effect moest Vestia ongekende bedragen bijstorten – wat ze dus niet kon …

______


Wil je voortaan gelijk mijn blogs ontvangen in je mailbox? Schrijf je dan hier in.